Ode aan de Diversiteit


Toen ik deze reeks Ramadangedachten begon hoopte ik op een paar bijdragen van voor mij waardevolle personen uit diverse geloofstradities. Het liep zoals gewoonlijk weer prettig uit de hand. ‘Een paar’ werd al snel tien en vervolgens weer een veelvoud daarvan! Wat is het een mooie reeks geworden. Jong, oud (wijs!), islamitisch, humanistisch, joods, katholiek, protestants, en alle bijbehorende tussenvormen, schreef mee. Iedereen heeft een verhaal. Iedereen heeft een gedachte. Wie denkt dat Ramadan alleen gaat over eten en drinken, zal na het lezen van deze reeks van 30 gedachten bedrogen uitkomen.

Ik heb voor deze reeks zoveel mogelijk mensen buiten mijn eigen traditie gevraagd. Mijn eigen culturele en religieuze achtergrond ken ik inmiddels wel, maar wat weet ik nog weinig van andere tradities. Ik hoop dat moslims deze reeks Ramadan gedachten lezen en daarna met hoofd en hart op reis gaan in de tradities van de andere godsdiensten.

Nu Ramadan 2016 er op zit, en ik de diverse bijdragen teruglees valt me op hoeveel wijsheid, kennis en creativiteit besloten ligt in mensen. Ramadan gaat eigenlijk ook daarover: ontsluiten. Die deuren en luikjes in je hoofd en hart weer opendoen, zelf gemetselde muurtjes afbreken, zodat anderen dezelfde beweging maken.

Naast het eten delen moet ook ons menszijn gedeeld worden. Veel mensen hebben in deze reeks een beetje van hun menszijn laten zien. Als eerbetoon aan alle schrijvers heb ik uit alle 30 bijdragen een mooi fragment geciteerd en deze achter elkaar verwerkt/bewerkt tot een nieuwe tekst. Deze tekst noem ik: Ode aan de Diversiteit.

Ode aan de Diversiteit

“De persoon die de maand begint met vasten is op de laatste dag vrijwel altijd een ander mens. Want mens-zijn is jezelf verbeteren, mens-zijn is oefenen, mens-zijn is je tot het uiterste toe inspannen om de onvolkomen natuur te overwinnen en te beschaven. Een vastenperiode is immers een periode waarin men de moeite neemt om te leren leven met minder. En laat net dát in tijden van crisis nu eens bijzonder nuttig zijn. Laten we niet ondankbaar zijn door het Herinneren te vergeten.

Wie vast, brengt zichzelf in een positie van machteloosheid en is daardoor verbonden met anderen die zich in diezelfde positie bevinden. Dan voelen we compassie. Het speelt een fundamentele rol binnen menselijke relaties. Het is een voorwaarde voor en een uitdrukking van een menswaardig bestaan. Samen hebben we de taak om onze samenleving te tonen wat wij samen de wereld om ons heen hebben te bieden. In die wereld verlangen we naar vrede. Vrede is een wens die aanwezig is in ieder mens. We horen het als we luisteren naar ons hart. We zien het in de spiegel en in de spiegel van wanhopige gezichten van vluchtelingen. Vrede met anderen begint in onszelf en gaat ervan uit dat we vrede met onze Schepper hebt gesloten.

Het eigen ‘ik’ staat niet centraal, maar ‘de ander’.

Ook al is het gezond om te geloven en ook om te vasten en te bidden, de gelovige doet het niet omdat het gezond is, maar om God te eren en zichzelf een spirituele discipline op te leggen, om te gedenken. Gedenken brengt ons in een rustige staat en zorgt ervoor dat hemel en aarde voor een kort micro-moment in ons leven helemaal synchroon lopen. Welk godsbeeld we hebben staat daar los van. Vasten is dan een oefening in ascese van de gelovige mens. Het gaat altijd om ontmoeting met God, om door het vrijmaken van je hart je beter voor te bereiden op die ontmoeting. Het gaat dus nooit – in gelovig perspectief – om een afslankoefening binnen de wellness-cultuur. Het eigen ‘ik’ staat niet centraal, maar ‘de ander’.

Als we vasthouden aan dogma’s, dan leidt dat tot polarisatie en in het ergste geval tot ideologische of religieuze ruzies en oorlogen. Twijfel is een veel beter recept voor vrede, creativiteit en prettig samenleven. We worden stil, nederig, en we laten vallen waar we ons voorheen aan vastklampten zodat we weer kunnen bewonderen. Zodat we weer kunnen verwonderen en onze eigen spirituele armoede confronteren, om te beseffen wat een rijkdom ons gegeven is.

Vasten legt niet alleen de nadruk op onthouding, maar minstens net zo zeer op gulheid – die van God en van de mensen. En als we niet vasten om God, zouden we dan niet kunnen vasten voor het goede doel? Niet dus omdat het moet, maar omdat het ergens goed voor is. Voor onze eigen gezondheid, voor een herstel van de eenvoud in ons leven of voor onze medemensen. Anders lijkt vasten een soort werkheiligheid om een godheid te vermurwen. Wie wil zich niet spiritueel ontgiften? Ontgiften van alle angsten, vooroordelen en kortzichtige gedachten die we in ons hoofd hebben gekregen. Even niets roepen, vinden, afwijzen, promoten. Geen tweets, geen columns, geen debatten. Tussen zonsopgang en -ondergang de leegte, de stilte opzoeken. Reflectie. Observatie. Zien wat ons bedreigt als we niet luisteren. Zien wat we niet overbrengen als we schreeuwen. Zien wat waar en van waarde is. Dat lege magen tot volle harten mogen leiden, niet tot lege hoofden en liefdeloze daden. En dat wie wel eet delen mag, in diezelfde ruimte van het verlangen.

Dat de traditie van vasten ook joods is, en minder christelijk, geeft ruimte om elkaar te vragen naar de eventuele zin van vasten en om aan de betekenis van vasten een eigen vorm te geven. Misschien dat we dan zien dat joden en moslims geen reden hebben om elkaar te haten. Integendeel, samen hebben gelovigen de taak om onze samenleving te tonen wat wij de wereld om ons heen hebben te bieden. Het verschil tussen het ene volk en het andere volk is namelijk niet groter dan de dikte van een lijn in het zand. Ofwel, de grond onder onze voeten is één. Wij komen alle uit een bron van barmhartigheid. In dat opzicht is Hij eerder een Zij: een baarmoeder die ons omgeeft en koestert, die ons warmte en geborgenheid geeft. Een onontkoombare nabijheid, die ons niet oordeelt en veroordeelt, maar ons wel doorgrondt en peilt, die weet wat in ons gaande is, beter dan wij het zelf weten. Wij hoeven dan niet koortsachtig op zoek naar ons diepste zelf. Het is al gevonden en het is geborgen. Het is in vertrouwde handen, die ons niet laten vallen. Het is goed.

Het verschil tussen het ene volk en het andere volk is niet groter dan de dikte van een lijn in het zand. Ofwel, de grond onder onze voeten is één.

De dagelijkse nabijheid van vastende mensen maakt dat wij een persoonlijk gezicht te zien krijgen. “Zie het gelaat van de ander dat een appel op je doet.” Waar recht wordt gedaan, groeien wonden dicht, gaat gerechtigheid voor je uit en is God je achterhoede. Als je het omdraait klinkt het als: Waar onrecht wordt gedaan, gaan wonden open, is van gerechtigheid geen sprake meer en raakt God uit zicht. Het is al te gemakkelijk zich een goed geweten aan te praten door een religie te identificeren met de verschillende vormen van fundamentalisme van zijn extremisten. 

Zoals onze rechtvaardigen zeggen: “Als je zo graag wilt dat de Eeuwige zich om jou bekommert, bekommer jij je dan vooral eerst om de ander.” Laten we onze geest oefenen in ‘berouw’ over wat er fout ging tussen jou en anderen, en dus ook tussen jou en God, om dat weer goed te willen maken. Berouw leidt tot bevrijding, die een nieuw begin belooft. Het gaat om de beweging van, naar of met God. Deze beweging is immers dezelfde: heel concreet en met lijf en leden ons richten op het mysterie dat we nogal onbeholpen duiden met God, Allah, Liefde, Licht, Geest of welk woord ons ook maar het dierbaarst is.

Ramadan is uiteindelijk ook genieten. Goed en gezond eten en anderen er deelgenoot van maken. De vraag is: eten we om te leven of leven we om te eten? Fijn eten, dierbaar gezelschap. Dat maakt de Ramadan. En dat maakt ook het leven. Vaak komt van het voornemen om aan rust en bezinning te doen uiteindelijk helemaal niets terecht. Het is druk en het onwennige dag- en nachtritme zorgt voor plezierige chaos in het huishouden. Maar de saamhorigheid en het samenzijn, die zo kenmerkend is voor de viering van Ramadan, zouden vastenden en niet-vastenden voor geen goud willen missen.”

Nawoord

Ramadan wordt afgesloten met ‘Id ul-Fitr, de viering van het ‘breken van de vast’, letterlijk: de dag dat het licht doorbreekt. Het is een mooi woord, veel beter dan het commerciële, consumptieve ‘Suikerfeest’. ‘Id-ul Fitr is nodig. Elk jaar weer. Want ook tijdens Ramadan zijn we weer opgeschrikt door aanslagen op mensen en gemeenschappen. Of het in Istanbul gebeurt, of Bagdad, en nu zelfs ook in het heilige Medina… de duisternis omringt ons. Als we niet uitkijken verzwelgt die duisternis ons. Licht in onze harten verjaagt alle duisternis. Licht in onze woorden heft de taal van haat op en dat licht is ook in onze gedachten nodig, zodat we niet in de val van de wij-zij samenleving trappen. Daarom is er elk jaar niet alleen een Ramadan nodig, een ‘Id-ul Fitr, maar ook vele vieringen uit andere religieuze tradities.

En als we dan het licht vieren, dan moet het ook goed gevierd worden. Gedenk, herinner, bid voor een ieder die je mist, die je kwijt bent geraakt, maar wees ook vrolijk, ruimhartig en laat de beste lach zien. Met elke lach droogt er een traan op. Met elke knipoog verdwijnt een norse blik. En met elke hap, in gezamenlijkheid genuttigd, is de onderlinge band verstevigd. Daarom: ‘Id ul-Fitr mubarak, een gezegende dag van doorbrekend licht.

Enis Odaci


Dankwoord

Dank aan alle deelnemers aan deze unieke Ramadanreeks: Colet, Jonas, Anne, Erica, Jan, Lody, Abdulwahid, Marcel, Joost, Ewoud, Alain, Janneke, Aart, Sandra, Bart, Ruard, Karin, Chantal, Hassnae, Nadia, Bram, Hendro, Manuela, Peter, Gied en Herman.

Via deze link zijn alle 30 bijdragen na te lezen.

Reageer

avatar
Sorteer op:   nieuwste | oudste | meest gestemde
Nicole
Gast

Dank Enis voor deze mooie serie!

Daniella
Gast

Echt van genoten, heel erg bedankt

wpDiscuz