Stad van Compassie


Het kan haast geen toeval zijn. Bij de start van de Ramadan stuitte ik op een klein berichtje. Het viel op in deze tijd vol polarisatie. Burgemeester Aboutaleb van Rotterdam tekende namens de stad een Handvest voor Compassie. Rotterdam is daarmee officieel Stad van Compassie. Daar keek ik van op. Een Stad van Compassie. Daarover wilde ik wel wat meer weten.

Het initiatief voor deze opmerkelijke stap blijkt afkomstig van Aydin Peksert. Hij is raadslid van de Islamitische Partij binnen de Gemeenteraad van Rotterdam. Het gaat Peksert duidelijk niet enkel om een symbolische stap. “Rotterdam als Stad van Compassie is niet alleen een mooi en belangrijk signaal in tijden van polarisering tussen culturen, levensbeschouwingen, arm en rijk. Het is een commitment en vergt blijvende inzet van ons allemaal om compassie tot de kern van ons handelen te maken”.

Een ‘Stad van Compassie’. Daarover wilde ik wel wat meer weten.

Wat blijkt, Rotterdam is noch de eerste noch de enige Stad van Compassie. In Nederland gingen steden als Leiden, Groningen en Apeldoorn Rotterdam voor. En het handvest blijkt geen Nederlands maar een internationaal initiatief. Het is inmiddels door 68 wereldsteden ondertekend in landen als Verenigde Staten, Pakistan, Nepal, Zweden, Mexico, Indonesië.

Wat bezielt deze stadsbestuurders­­? Het handvest verwijst naar compassie of mededoden als een  “grondslag voor alle religieuze, ethische en spirituele tradities.” Een principe dat een beroep op ons doet om “alle anderen te behandelen zoals wij zelf behandeld willen worden.” Een principe dat de drijfveer vormt om “ons onvermoeibaar in te zetten voor het verzachten van het leed van onze medemensen.” Een principe dat oproept om “de ander voor het voetlicht te plaatsen en recht te doen aan de onschendbare heiligheid van ieder mens.” Om “de ander te behandelen met volstrekte waardigheid, billijkheid en respect.”

Het valt op dat het handvest niet voorbij gaat aan de taaie realiteit waarin wij leven. Het erkent “dat wij er niet in geslaagd zijn een leven te leiden vervuld van compassie en dat sommigen uit naam van hun religieuze overtuiging het totale menselijke leed zelfs groter hebben gemaakt.”

Dat het handvest niet vrijblijvend wil zijn blijkt uit de oproep waarmee het afsluit. Wie het handvest ondertekent verbindt zich aan:

  • compassie opnieuw te maken tot de kern van moreel handelen en van religie;
  • terug te keren naar het oude principe dat iedere interpretatie van geschriften die aanzet tot geweld, haat of minachting geen enkele legitimiteit heeft;
  • garant te staan voor de verstrekking van correcte en respectvolle informatie over andere tradities, godsdiensten en culturen aan jongeren;
  • positieve waardering van culturele en religieuze verscheidenheid te stimuleren;
  • bij te dragen aan medeleven, gebaseerd op kennis, voor het leed van alle mensen  – ook van hen die wij als onze vijanden zien.

Het is frappant en hoopgevend dat in deze gepolariseerde tijd burgermeesters, wethouders en gemeenteraden dit handvest met zijn indringende oproep ondertekenen en als maatstaf voor hun beleid willen hanteren. Ik hoop dat er nog vele dorpen en steden het voorbeeld van Rotterdam zullen volgen. Want we kunnen nog wel wat meer compassie gebruiken.

Dat alles blijkt terug te voeren tot een initiatief van de Britse auteur Karin Armstrong. Zij publiceert al vele jaren over de grote wereldreligies. Zij wil bruggen slaan tussen de aanhangers van verschillende levensbeschouwingen. Religieuze conflicten vormen volgens haar een zeer ernstige bedreiging. Niet alleen van de wereldvrede maar ook voor ons samenleven hier, in steden zoals Rotterdam.

Compassie speelt een fundamentele rol binnen menselijke relaties. Het is een voorwaarde voor en een uitdrukking van een menswaardig bestaan

Zij won, als belangrijke hedendaagse denker, in 2008 de prestigieuze Amerikaanse TED-Award en kreeg de gelegenheid om haar wens voor de wereld om te zetten in een concreet initiatief. Karen Armstrongs wens was dat er een Handvest voor Compassie zou komen gebaseerd op de universele Gulden Regel “Doe een ander niet aan wat je niet wilt dat jou wordt aangedaan”.

Compassie speelt inderdaad een fundamentele rol binnen menselijke relaties. Het is een voorwaarde voor en een uitdrukking van een menswaardig bestaan. Compassie voert naar verlichting en is onmisbaar bij het realiseren van een samenleving waarin mensen elkaar opzoeken, respecteren en zich met elkaar verbinden in hun inzet voor het goede leven en een betere wereld.

En natuurlijk heeft compassie alles te maken met de Ramadan. Ramadan is immers een maand van tolerantie, liefdadigheid, verbroedering en bezinning. Het is een tijd waarin mensen extra verdraagzaam, toeschietelijk en vrijgevig zijn. Een maand waarin de eenheid en saamhorigheid van de mensheid centraal staan. Ramadan is daarmee ook een uitdrukking van compassie.


Over Jan Gruiters

Jan Gruiters (1956) is directeur van de Nederlandse vredesorganisatie PAX (van 2006-2014 “IKV Pax Christi” genaamd). Hij studeerde informatica en bestuurskunde. Hij werkte van 1980–1981 als informatieanalist voor de centrale directie van de toenmalige PTT. In 1981 trad hij als adjunct-secretaris in dienst bij Pax Christi Nederland. Van 1984–1985 maakte hij deel uit van het landelijk werkcomité van het Komitee Kruisraketten Nee (KKN) waar hij meewerkte aan de organisatie van het volkspetitionnement van 1985. Vanaf 1985 was hij secretaris Afrika voor Pax Christi. Van 1987–1992 werkte hij voor de Raad van Kerken in Nederland. In het kader van het Conciliair proces voor gerechtigheid, vrede en heelheid van de schepping organiseerde hij (als coördinator) de eerste twee nationale oecumenische “kerkendagen” in Nederland in 1989 (Utrecht, 16.000 deelnemers) en 1992 (Amersfoort, 18.000 deelnemers). Daarna keerde hij terug naar Pax om verder vorm te geven aan het Afrika-werk.

Reageer

avatar
wpDiscuz