“Hé daar!” riep de meneer. “Waar gaat dat heen?” Ik zei: “Gaat je niks aan, makker!” En ik liep verder. Ik ben niet opgevoed met Hé Jij, maar met Dag Mijnheer. Daarom weiger ik uit principe beleefd te reageren als mensen mij naroepen. Uiteraard was de meneer niet tevreden met mijn antwoord. De vragensteller was oom agent.

“Stop!” riep de agent.
Ik bleef staan en pakte alvast mijn paspoort uit de binnenzak. Ik gaf het hem zonder dat hij erom vroeg. Zijn stilzwijgen verraadde mijn gelijk: hij wilde wel eens weten wie ik was.
“Waarom reageert u zo agressief?” vroeg oom agent.
Ik keek hem aan, lachte mijn vriendelijkste lach, en tikte met mijn hand tegen zijn schouder.
“Zo bedoelde ik het natuurlijk niet, maar ik pas mij makkelijk aan.” Hij: “Waarom staat u met de auto geparkeerd op de stoep?”
“Zoals u ziet,” zei ik, “loop ik met een elleboogkruk. Ik ga deze elektronicawinkel in om een laptop te kopen, maar die is met doos en al te zwaar om met één hand zelf te dragen. Dus wilde ik het de winkelbediende gemakkelijk maken. Hij hoeft dan niet ver te lopen naar mijn auto.”

Oom agent keek mij indringend aan en vroeg of ik een invalidenparkeerkaart had. Ik wees naar mijn voorruit. Daarachter zat een keurige blauwe kaart met een witte logo van een rolstoel. Hij wilde de achterkant van de invalidenkaart zien. Daarop stonden namelijk mijn gegevens. Hij had ook het nummer op de voorzijde kunnen controleren, maar ach, weet hij veel. Ik liep terug naar mijn auto en liet oom agent mijn kaart zien. Op de achterkant een pasfoto met mijn beeltenis. Zoals het hoort met pasfoto’s had ik een serieuze blik. Ik probeerde die serieuze blik live voor oom agent te reproduceren. Om de goede dienaar definitief te overtuigen besloot ik gelijktijdig mijn paspoort en mijn invalidenparkeerkaart omhoog te houden, met in het midden mijn inmiddels rood aanlopende hoofd. Een ID 3D dubbelcheck!

“Toch moet ik u een bekeuring uitschrijven.”
O ja? Op basis waarvan wilt u mij een bekeuring uitschrijven? Omdat ik op een stoep geparkeerd sta?
“Dat klopt. Dat mag niet, u moet parkeren in de daarvoor bestemde vakken.”
Oom agent had echter dikke pech. Ik heb namelijk een verkeerskundige opleiding genoten. Universiteit. Ik geef als ZZP’er hogere en lagere overheden adviezen over allerlei verkeerskundige zaken, van planologische procedures tot en met de aanleg van parkeergarages en bijbehorend parkeerbeleid. Aldus schraapte ik mijn keel en gaf oom agent een gratis mini-college over de regelgeving met betrekking tot het gebruik van de invalidenparkeerkaart.

Met opgeheven hoofd, en een auto op de stoep, stapte ik vervolgens de winkel binnen. Ik geef ruiterlijk toe: ik ben een goed ingeburgerde, sluwe, parkeerterrorist.

Meer info?
Deze column verscheen in het mei-nummer 2015 van De Linker Wang.

Reageer

avatar
Sorteer op:   nieuwste | oudste | meest gestemde
Farah Mughal
Gast
Farah Mughal

Geweldig, dit is toevallig het laatste dat ik nog in mijn inbox had en ik ga nu met een vette glimlach slapen. You rock Enis!

jack
Gast
Ik heb genoten van het verhaal. Maar ik heb me geergerd aan de manier waarop de politie weer wordt neegezet. (één soldaat dronken en het hele leger is dronken) Allereerst is dit een individue dat u aanspreekt. In elke organisatie zitten helaas “Harken”. Daarbij betwijfel ik of het een agent was die u aansprak. Deze hebben meestal wat anders te doen, dan hierop letten. Verder worden dat soort activiteiten meestal uitgevoerd door zs. boa’s, die helaas wat uniform betreft, haast niet meer te onderscheiden zijn van de politie. Ja zelfs nu de politie nieuwe uniformen heeft, zijn ze weer op… Lees meer »
wpDiscuz