In 2010 was ik met mijn Stichting Humanislam betrokken bij het ‘Convenant van vertrouwen’. Dit Convenant was een uitvloeisel van het Manifest van Advent, een manifest dat door 40 Twentse predikanten eind 2009 is opgesteld. In dit Manifest signaleerden de predikanten een verruwing van de maatschappij, een verruwing van taalgebruik. En dat allemaal vanuit een onbehaaglijk gevoel van wantrouwen jegens andersdenkenden of mensen met een andere identiteit, religieus én etnisch. Wij riepen op tot een dialoog waarbij we niet naïef de ogen sluiten voor de problemen, die er ook zijn, maar waarin we de problematiek en de polemiek zouden moeten bespreken en voortzetten vanuit een gevoel van vertrouwen. Greco Idema van de website Nieuwwij.nl sprak met mij over het ontstaan van het Convenant, hoe het verder ging, over vertrouwen, wantrouwen en lange tenen.

Door: Greco Idema

Welke bijdrage hebt u geleverd aan het Convenant?
“Na het lezen van het Manifest van Advent besloot ik contact te zoeken met deze predikanten. Van het een kwam het ander, resulterend in een stadsdebat over de sfeer van wantrouwen die heerste in de aanloop naar de Tweede Kamerverkiezingen. Tijdens dit debat werd het Convenant van Vertrouwen ondertekend door belangrijke vertegenwoordigers van levensbeschouwingen en religies. Onze boodschap was: wat er ook gebeurt, wij kiezen voor vertrouwen en voor verbinding, opdat wij als voorbeeld kunnen dienen voor anderen.”

Wat is er hierna gebeurd?
“Nadien zijn de onderlinge contacten van de ondertekenaars verdiept. Wij werden uitgenodigd om lezingen te geven in het land, workshops te geven, en we schreven opinie-artikelen in de media. En: een nieuwe website werd geboren: www.levensbeschouwingen-hengelo.nl. Wat het Convenant vooral heeft opgeleverd is een bewustwording dat het hebben van verschillen rijkdom is, en dat we dat moeten uitstralen. Als een gemeente nieuw beleid wil vormen op het gebied van integratie en participatie van minderheden, maar ook een rol wil spelen als er conflicten mochten uitbreken tussen bevolkingsgroepen, dan kan zij aankloppen bij de leden van het Convenant die zich hebben verbonden aan elkaar, in vertrouwen.”

Het convenant is vorig jaar opgesteld ten tijde van de Tweede Kamerverkiezingen. Binnenkort zijn er verkiezingen voor de Provinciale Staten. Sinds de deelname van de PVV aan de regering lijkt er minder wantrouwen te zijn tussen moslims en niet-moslims, is het islamdebat milder geworden…
“Nee, het wantrouwen is er nog steeds. Het islamdebat lijkt rustiger te worden omdat zowel moslims als niet-moslims er gewend aan beginnen te raken. Maar de taalverruwing en de extrapolatie van anti-islam voorstellen nemen verder toe. Het laatste voorstel van de PVV, een verbod op hoofddoekjes in het provinciehuis, is daar een voorbeeld van. Dit voorstel wordt niet eens meer besproken in moslimkringen, maar wel door de politieke partijen. Die maken er met behulp van de media er weer een geweldige show van, terwijl ik zie dat moslims er geen aandacht aan schenken: ‘Heb je die Wilders weer’.
Tegelijkertijd signaleer ik vanuit mijn rol als voorzitter van mijn stichting, dat de bodem van taalverruwing in zicht is. Vele initiatieven, vele contacten, vele gezamenlijke opinie-artikelen duiken links en rechts op. De kerk vraagt zich af in hoeverre naastenliefde in een PVV-maatschappij een plek krijgt, de moslims vragen zich af in hoeverre het helpt als zij zich telkens hullen in stilzwijgen. En vele goed ingeburgerde moslims verliezen hun lange tenen en raken overtuigd van hun voorbeeldfunctie. Elke dag dat zij goed meedraaien in de samenleving, de contacten met hun buren onderhouden, is een dag waarop het wantrouwen vervangen wordt door vertrouwen.”

Waar ligt voor u persoonlijk de grens tussen wantrouwen en vertrouwen: wanneer vindt u iets gezond wantrouwen en wanneer is iets naïef?
“Wantrouwen, vertrouwen, naïviteit en vooroordelen… deze lijst is eenvoudig langer te maken. Wat deze woorden bindt is het gevoel van mensen. En ik houd er van om mijn gevoel pas een rol te laten spelen als ik de feiten ken. In de regel zie ik een relatie tussen kennisniveau en wantrouwen. Hoe meer mensen iets weten van een bevolkingsgroep, een religie, des te meer vertrouwen er ontstaat. Hoe minder mensen weten, des te meer wantrouwen ontstaat er. Dus de grens tussen wan- en vertrouwen is zeer individueel bepaald, en voor mij is een vooroordeel bijvoorbeeld een uitnodiging voor een goed gesprek, geen afkering of afkeuring. Soms zullen de vooroordelen bevestigd worden, maar soms ook niet, dat is dan levenservaring voor een volgende ontmoeting.”

Veel critici van de dialoog vinden dat de dialooggezinden te naïef zijn in hun vertrouwen in de multiculturele samenleving en dan met name de islam. De ware aard van de islam (nl. een gewelddadige) zal snel zijn gezicht tonen. Wat vindt u van deze kritiek?
“Een actuele vraag. Je hoort nu Europese leiders om beurten verklaren dat de multiculturele samenleving mislukt is. Maar diezelfde politici zullen niet kunnen vertellen wat dat is, die multiculti samenleving. De samenleving is namelijk per definitie multicultureel, ook al woont er geen enkele allochtoon in dit land. Dus als wij een multiculturele samenleving willen, en we zijn niet in staat om dat te definiëren, zullen we nooit onze samenleving kunnen ijken naar dat niet-bestaande wensbeeld en zijn we dus per definitie naïef. Dat is niet de schuld van de dialooggezinden, maar van de beleidsmakers. De dialooggezinden willen alleen maar vervreemding en wantrouwen tegengaan. Wat de dialooggezinden meer moeten uitstralen is dat een samenleving gebaat is bij verscheidenheid. Zonder verschil geen eenheid.”

En als het gaat om de islam?
“Ook hier wreekt zich het gebrek aan kennis. Als we alleen al in Nederland de cijfers erbij halen, constateren we dat meer dan 150.000 moslims Aleviet en Ahmadiyya zijn die niet zo veel te maken hebben met moskee of imam. Die een liberale manier van leven voorstaan, gebaseerd op gelijkheid en keuzevrijheid. Die geen enkel belang hebben bij de shari’a. En dat geldt ook voor de meeste soennieten, zeker de tweede en derde generatie moslims. Het CBS constateert dat 45% van de moslims inmiddels tweede en derde generatie Nederlanders zijn die niets te maken hebben met hun moederland en minder praktiserend zijn dan hun ouders.”

Maar er is toch ook een gewelddadige kant van de islam?
“De gewelddadige kant van de islam bestaat zeker, maar zij is een van de vele gezichten van de islam. Dé islam bestaat niet, zoals ook hét christendom niet bestaat, en er geen enkele religie één variant kent. Maar het is maar net wat de huiskamer binnenkomt via radio of televisie. Een demonstratie in Iran die wordt neergeslagen heeft niets te maken met de islam, maar met een gebrek aan democratie, arbeid en sociale voorzieningen.
Daarom roep ik alle moslims op de Nederlandse islam te laten zien, want de islam vorm je zelf. Dus even geen torenhoge minaretten of aparte ruimtes voor man en vrouw meer. Laat zien hoe jij het beste uit je geloof haalt, met de Nederlandse normen en waarden als kader. Dan zul je zien dat je opgeroepen wordt om deel te nemen aan jouw samenleving. Laat met je opleiding, je leergierigheid, je talenten, je carrière, je relatie met je buren, je vrijwilligerswerk, je opvoeding zien dat je een trotse Nederlandse moslim bent. Je zult zien dat je geloof als kwestie dan wegvalt in dialoog met anderen, en dat je bevraagd wordt op je mens-zijn. Als de islam jouw bron is voor al dat moois, dan is dat prima en niemand zal het van je willen afnemen.”

Veel moslims op hun beurt voelen zich vaak niet gewaardeerd, voelen het wantrouwen. Herkent u dit?
“Zeker herken ik dit. Maar moslims moeten geen lange tenen hebben. Zich niet gewaardeerd voelen, de naam zegt het al, is een kwestie van gevoel. We moeten ook op dit onderwerp feit van emotie scheiden. Als je bijvoorbeeld in bijzijn van je collega’s vijf keer meer pauze moet nemen omdat het gebed onderhouden moet worden, dan is het niet vreemd als je geen carrière maakt. Dan is er geen sprake van discriminatie, maar van een chronisch gebrek aan inlevingsvermogen in de Nederlandse arbeidsethos.
Maar mijn ervaring is dat het niet gewaardeerd voelen ook te maken heeft met de situatie thuis, de thuiscultuur. Hoe stuur je je kinderen de wijde wereld in, als moslim, of als Nederlander? Als je kiest voor je religie voorop, dan zul je zien dat veel mensen niet in staat zijn om met je te communiceren omdat ze geen ander kader hebben dan jouw religie. Zet je daarentegen jezelf neer als een Nederlander (bi-cultureel weliswaar) die helemaal mee wil doen met buur, vriend, collega en echtgenoot, dan opent zich een wereld waarin de meest inspirerende contacten kunnen ontstaan.
Tevens volstaat het spreken van correct Nederlands niet altijd. Het begrijpen van de Nederlandse taal, het taalgevoel, is de echte sleutel tot maatschappelijk succes. Dan wordt de gevatte opmerking van je buurman geen belediging, maar een handreiking. Fingerspitzengefühl, als we ons dat eigen weten te maken hebben moslims in Nederland toegang tot de Nederlandse identiteit die ze zich dan eigen kunnen maken.”

Reageer

avatar
wpDiscuz